Fysioplein9
Ericaplein 9
6951 CP Dieren
0313 - 415078

Carpaal Tunnel Syndroom

Voelt u vaak tintelingen en/of een doofgevoel in uw hand, met name 's nachts? Worden deze klachten minder als u met uw hand schudt? Heeft u het gevoel soms wat onhandig te zijn bij het pakken van een voorwerp of voelt u wel eens een stekende pijn omhoog trekken tot aan uw schouder? Deze klachten zouden kunnen passen bij het Carpale Tunnel Syndroom.

De carpale tunnel bevindt zich ter hoogte van de overgang van de onderarm naar de hand en vormt een soort 'doorgeefluik'. De tunnel wordt gevormd door 8 in een U-vorm gerangschikte middenhandsbeentjes (carpalia).Tussen de poten van de 'U' is een stevige bindweefselband gespannen waardoor zich een tunnel vormt.

Door deze tunnel lopen 9 pezen en 1 zenuw. De pezen die omgeven zijn door een vlies zijn de uitlopers van spieren die zich in de onderarm bevinden en de beweging van de pols en de vingers verzorgen. De zenuw (de nervus medianus) innerveert (prikkelt) wat kleine spiertjes in de hand en verzorgt het gevoel en de tastzin in de hand van de duim, de wijsvinger, de middelvinger en de helft van de ringvinger.

Door omstandigheden kan het vlies wat om de pezen heen ligt (het synovium) opzwellen. Hierdoor wordt de ruimte in de tunnel relatief kleiner en wordt de zenuw tegen de bindweefselband gedrukt wat de tintelingen, doofheid, onhandigheid en de pijn kan veroorzaken. U kunt het vergelijken met een slaapbeen. Wanneer men lang met de benen over elkaar zit heeft men wel eens een doof en tintelend gevoel in het onderbeen en ook dan wordt een zenuw, die zich in de knieholte bevindt, afgekneld. Een groot verschil met het carpale tunnel syndroom is dat men zelf niet in staat is om de druk van de zenuw af te halen.

 

Komt het vaak voor?

Het carpaal tunnel syndroom is een van de meest voorkomende zenuw beknellingen. Hoe vaak het precies voorkomt is niet exact bekend. In de omgeving van Maastricht is een groot onderzoek gedaan waar 9 op de 100 vrouwen in meer of mindere mate klachten hebben van een carpaal tunnel syndroom. U bent dus niet de enige. De klachten ontstaan meestal tussen het 40e en 60e levensjaar en komen regelmatig aan beide handen voor. Vrouwen hebben 3x zoveel kans dat ze een carpaal tunnel syndroom krijgen als mannen.Alle structuren die ruimte in de tunnel innemen en de zenuw daardoor beknellen, kunnen klachten veroorzaken. Dit klinkt eenvoudig maar in de grote meerderheid van de gevallen weet men niet wat de oorzaak is.

Hieronder worden een aantal oorzaken genoemd die een rol kunnen spelen bij het krijgen van een carpaal tunnel syndroom:
  repeterende bewegingen van de pols met name als daar kracht bij nodig is
  polsbreuk waarbij de middenhandsbeentjes verschuiven
  hormonale veranderingen zoals voorkomen bij zwangerschap en de menopauze
  ontstekingachtige verschijnselen zoals bij reumatoïde artritis
  vertraagde functie van de schildklier
  suikerziekte

 

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Uw therapeut zal een aantal dingen willen vragen en testen voordat hij/zij de diagnose 'carpaal tunnel syndroom' zal kunnen stellen:

Verschijnselen: zijn er klachten van tintelingen en doofheid van de vingers; met name 's nachts; wordt u wakker van de klachten; kunt u de klachten laten verdwijnen; onhandigheid (krachtverlies) van de vingers; heeft u weleens pijnscheuten vanaf de pols de arm omhoog; bent u zwanger of heeft u een bepaalde ziekte.
Voelt u een elektrisch stroompje als er voorzichtig met de vinger op uw zenuw wordt geklopt krijgt u dezelfde klachten als uw pols wordt gebogen en 60 seconden wordt aangehouden is het EMG (elektromyogram) positief; dit is een onderzoek, dat alleen in opdracht van een arts kan plaatsvinden, waarbij men met hele kleine stroompjes de geleidingssnelheid van een zenuw meet, bij een beknelde zenuw is deze geleidingssnelheid lager. Aan de hand van bovenstaande vragen en testen kan er een diagnose gesteld worden. Tevens kan er een inschatting gemaakt worden van de ernst van de klachten.

 

Wat kun je er aan doen?

Afhankelijk van uw klachten zal de meest geschikte behandeling gekozen worden. Bij milde klachten behandelen wij u met het TE tractie apparaat (zie afbeelding) en specifieke oefentherapie in combinatie met het geven van een nacht polsspalkje. De spalk zorgt voor rust en houdt de pols in een zodanige positie dat de druk op de zenuw het minst is. Gemiddeld zijn er 12 behandelingen nodig om de klachten te verminderen.

Zijn de klachten ernstiger dan kan de huisarts of specialist proberen de druk op de zenuw af te laten nemen door een injectie met medicijnen in de carpale tunnel te spuiten. Over het nut hiervan zijn de meningen verdeeld. Vaak ziet men dat de klachten terug komen.

Worden de klachten niet beter door bovenstaande behandelingen, dan zal het misschien nodig zijn om te opereren. Hierbij wordt de bindweefselband die tussen de middenhandsbeentjes gespannen staat doorgesneden, waardoor er weer ruimte ontstaat voor de zenuw.

Er zijn grofweg twee operatie technieken. De conventionele methode waar een sneetje van 5 cm lengte in de handpalm wordt gemaakt tot op en door het bindweefselbandje. Tevens bestaat er een techniek waarbij gebruik gemaakt wordt van een buisje (de endoscoop) en een camera waardoor geopereerd wordt. Dit buisje, waar een gleuf in zit, wordt via twee sneetjes van 1 cm onder het door te snijden bindweefselbandje geschoven. Door de gleuf in het buisje kan men het bindweefselbandje zien en doorsnijden. Voor deze techniek moet de patiënt echter aan een aantal eisen voldoen en deze techniek is zodoende voor een aantal patiënten niet geschikt.

 

Uw specialist:

 
ina
Marit Burgmeijer

Alg. fysiotherapeut, therapeute handrevalidatie en
begeleiding diabetespatiënten, medical taping

Aanwezig op: woensdag en vrijdag

Lees meer over Marit